Dyslexie. Wat is het? En is het erfelijk?

Dyslexie wordt in de volksmond wel eens woordblind genoemd. Geen beste omschrijving, want dat zou betekenen dat iemand helemaal geen woorden kan lezen. Iemand met dyslexie heeft moeite met taal en daardoor gaan lezen, spellen en schrijven moeizaam.

Intelligentie

Dyslexie heeft niets met intelligentie te maken: mensen met dyslexie zijn normaal wat intelligentie betreft. Dyslexie is erfelijk: heeft een ouder het niet dan heel vaak een grootouder. Als één ouder dyslexie heeft, dan is de kans 40 tot 50 procent dat het kind het ook krijgt. Bij twee ouders met dyslexie wordt die kans nog veel groter namelijk 80%. Als er nergens in de familie dyslexie zit (dus ook opa’s, oma’s, ooms of tantes) is de kans erg klein dat het kind het wel heeft. Bij jongens komt het bovendien vaker voor dan bij meisjes.

Hoe ontstaat dyslexie?

Eigenlijk is nog niet helemaal duidelijk hoe dyslexie precies ontstaat. Er zijn allerlei ideeën over. Drie daarvan komen steeds terug en die stellen:

  • De linker hersenhelft zou zich langzamer ontwikkeld hebben dan de rechter hersenhelft. Dit zou komen doordat er iets mis gaat in de aanleg van de hersenen.
  • In de hersenen van iemand met dyslexie zou de informatieverwerking wat anders en minder snel verlopen
  • In de hersenen van iemand met dyslexie zou minder activiteit zijn als het gaat om woordherkenning en woordanalyse
Dyslexie

Linker en rechter hersenhelft

Uit onderzoek is gebleken dat dyslectische kinderen hun rechter hersenhelft 6 keer meer gebruiken dan de linker hersenhelft. Omdat het taalcentrum zich in de linker hersenhelft bevindt, verklaart dat dus waarom taal een probleem voor ze is. Ook is er in de hersenstam van mensen met dyslexie een verschil met mensen die er niet aan lijden. Normaal gesproken filteren mensen daar geluiden, maar bij mensen met dyslexie verloopt dat filteren niet bepaald vlekkeloos. Er komt bij hen te veel informatie binnen en dan is het moeilijk om de concentratie te leggen op alleen het belangrijkste.

Oogbeweging

Bij iemand die leest, bewegen de ogen en blijven ze stilstaan bij moeilijker of langere woorden. Deze oogbewegingen komen uit onze hersenen en ja wel weer uit het taalgebied. Bij mensen met dyslexie verloopt dat proces ook weer anders. Hun oogbeweging gaat eigenlijk veel te snel, waardoor ze zaken overslaan.

Erfelijkheid

Naast deze 3 theorieën is wel duidelijk dat dyslexie vaak erfelijk bepaald is. Kinderen van ouders die dyslectisch zijn hebben een grotere kans om zelf ook problemen met schrijven, lezen en of spellen te krijgen. Het komt trouwens bij ongeveer 4 % van alle Nederlanders. Jongens hebben het vaker dan meisjes: bijna drie keer zoveel jongens als meisjes hebben het.

Een kind is al dyslectisch bij geboorte

Dyslexie is niet iets dat zich op latere leeftijd ontwikkelt, het is er al als een kind wordt geboren. En er zijn tekenen die daar op kunnen duiden. Een kind hoeft niet al die symptomen te hebben om aan dyslexie te lijden. De symptomen die er op kunnen duiden zijn:

  • Het kind begint later met kruipen en lopen dan andere kinderen
  • Het kind begint later met praten dan leeftijdsgenootjes
  • Kinderen met dyslexie hebben zowel een grove als een fijne motoriek die achterblijft bij kinderen van dezelfde leeftijd. Vaak blijft die motoriek ook wat minder gedurende hun hele leven.
  • Het kind kan een lepel en vork moeilijk vast houden.
  • Het kind is niet echt ‘handvast’ met veel zaken. Als het bijvoorbeeld een getekende lijn moet knippen met een schaar, knipt hij of zij er vaak naast.
  • Als het kind op een leeftijd is dat het moet gaan lezen, schrijven of praten, blijkt het daar moeizamer te gaan dan bij andere kinderen van dezelfde leeftijd. En dat blijft.

Spiegelschrift schrijven

Opvallend is ook dat een kind met dyslexie vaak een soort spiegelschrift ontwikkelt. De S wordt omgedraaid of de N die de lange kant met de korte kant verbindt wordt omgekeerd. Verder zijn letterherkenning, een slecht handschrift, het omdraaien van letters en spelfouten vaak tekenen dat een kind aan dyslexie lijdt. Ook kan een kind, maar ook een volwassene heel snel moe zijn na het lezen, hoofdpijn hebben van de inspanning, het gevoel hebben dat de letters voor zijn of haar ogen dansen en last hebben van vage oogklachten of last van fel licht bij lezen. Ook het volgen van ondertiteling op de tv kan een probleem zijn. En bij het voorlezen kan een kind daarna geen idee hebben wat er nu eigenlijk stond. Het aanleren van andere talen als Duits met allerlei naamvallen is vaak nog veel dramatischer. Vaak zijn mensen met dyslexie beelddenkers: daardoor zien ze zaken wel voor zich. En zijn we ook vaak heel goed in creatieve vakken of goed met hun handen.

Positieve punten dyslexie

Overigens is er niet alleen maar slecht nieuws als het gaat om mensen met dyslexie. Zij hebben of ontwikkelen vaak eigenschappen die anderen weer niet hebben. Zo hebben ze vaak een heel goed overzicht en zien ze een totaalplaatje in hun hoofd. Ook nemen ze informatie vaak veel beter op. Omdat het moeilijk is om die informatie überhaupt tot zich te nemen, blijft die info veel beter hangen. En zoals gezegd: het zijn vaak beelddenker, ze kunnen vaak heel goed logisch, maar ook creatief nadenken, ze zijn erg praktisch en zijn vaak enorm goed met hun handen.

Vroeg herkennen

Door het vroeg te ontdekken, kunnen kinderen geholpen worden om daardoor minder problemen te hebben. Ze kunnen namelijk door bepaalde methoden wel leren om beter om te gaan met de dyslexie. Dyslexie-onderzoek dient – bij voorkeur – vroegtijdig in de schoolloopbaan te gebeuren, zodat effectieve hulp zo vlot mogelijk kan starten. Dit kan door middel van een dyslexie test.