Voor facings naar de restauratief tandarts. Wat kost zoiets?

Het gebit van de prefluoridegeneratie loopt tegen zijn grens aan: wordt het een lapmiddel, een kunstgebit of een grote opknapbeurt? Mee met de restauratief tandarts.

facings

Restauratief tandarts Paul de Kok waarschuwt Nicky van Achthoven (48), die met haar mond wijd open in tandartsstoel ligt: “Die dingen zijn heel klein, dus slik ze niet in.” Ongevaarlijk verder, een facing in je maagdarmkanaal, maar niet handig. “Want dan moet je wachten tot hij er uit komt.” Hij heeft het eerder meegemaakt. Met glycerine plakt De Kok een ‘nageltje’ van porselein op haar tand. Die zit. Tenminste vast genoeg voor de pasronde. Het definitieve plakken doet hij straks, als hij zeker weet dat alles klopt. Volgende.

De Kok plakt vier facings, een kroon en een brug, en ontdekt na een keurende blik een randje schaduw bij een aansluiting met het tandvlees. “Dat wil ik niet.” Tandtechnicus Carolien Trock wordt erbij geroepen voor overleg.

Nieuw gebit

Godallemachtig, wat heeft Van Achthoven hier naar toegeleefd. Een nieuw gebit. Ze runt samen met haar vriend een fotopersbureau en is van het type tot-in-de-puntjes. Thuis in Diemen lijken zelfs de katten uit een Sheebareclame te zijn weggelopen, haar nagels zijn gemanicuurd, haren gekapt, ze zit netjes in de make-up en draagt smetteloze, gestreken kleren. Nu zit er een vlek tandpasta op haar blouse, maar dat gebeurt haar eigenlijk nooit. Zo’n vrouw.

“Mijn tanden kloppen gewoon niet bij het plaatje.” Wat ze daarmee bedoelt, is te zien op de foto op het scherm boven de tandartsstoel. Het is geen ziek gebit, maar een rammelende rij. Scheef, verkleurd, inclusief spleetje en een opvallende barst in de voortand.

Lapmiddel

Dit is wat De Kok steeds vaker ziet, zeker bij vijftigers: tanden en kiezen die de taks aan ingrepen hebben bereikt. Lapmiddel op lapmiddel op lapmiddel. “Vooral de generatie van voor het fluoridetijdperk, de groep die veel gaatjes heeft gehad, loopt nu tegen een grens aan. De vullingen zijn gaandeweg vervangen door kronen, daar zijn wortelkanaalbehandelingen onder gedaan. Op den duur zijn die restauraties een beetje op. Er moeten wat kiezen uit, wat kronen vervangen. Dan komt de patiënt op een kantelpunt: afbouwen richting een prothese (kunstgebit)? Of alles nog een keer heel goed aanpakken?”

Gebitsrehabilitatie

Een gebitsrehabilitatie heet dat. Tandartsen verwijzen meestal door, soms naar een van de 35 restauratief tandartsen, zoals De Kok. Hij doet vooral het grote werk, soms trajecten van jaren, denk aan renovaties vanwege knarsen, verwaarlozing, drugsgebruik, mislukte behandelingen door charlatans, ongelukken of gewoon, zoals bij Van Achthoven, sleetse gebitten.

Niet alleen omdat het mooier is, maar vooral ook omdat achter een gammel gebit vaak medische klachten schuilgaan. “Mensen komen meestal omdat ze de hun tanden lelijk vinden. Als ik ze onderzoek, blijkt er vaak meer aan de hand te zijn. Dan zit er cariës, de beet is niet meer goed of er zitten ontstekingen onder de tanden zonder dat de patiënt dat heeft gemerkt.”

facings

Ellende

De Kok komt heel wat ellende tegen. Deels is dat de erfenis van ouderwetse tandheelkunde. De technieken en materialen van tandartsen zijn enorm verbeterd, waardoor tandartsen verfijnder kunnen werken. Hij wijst op de tand van Van Achthoven, die verstopt zat onder een kroon. “Kijk, het lijkt wel een luciferhoutje, zo dun. Vroeger werd veel meer weg geboord en misschien wel getrokken dan nodig was. Dat is jammer, want uiteindelijk gaat er niets boven ons eigen glazuur en tandbeen.”

Pechmond

Het gebit van Van Achthoven is in het verleden niet heel adequaat aangepakt, maar bij haar is het toch vooral een geval van een pechmond. Ze heeft ragertjes in alle maten, borstelt tweemaal daags en gaat elk half jaar naar de tandarts, maar toen in mei alsnog een vulling brak, was ze het definitief zat.

Ze lacht uit schaamte al decennia met haar mond dicht. Als ze schatert, springt haar hand uit een reflex voor haar mond. In de fotoalbums op haar telefoon zoekt ze vergeefs naar een portret waar haar tanden op te zien zijn. Ze stuit op een foto in gala op een cruiseschip; ze genoot, maar wel met de lippen stijf op elkaar. Samen met haar vriend; hij lacht, zij grijnst. “In april ga ik trouwen. Ik dacht: dan staat iedereen weer stralend op de foto en ik met mijn mond dicht. Mooi niet.”

Kosten

Met 3833 euro, verdiend met de overwaarde van haar verkochte huis, trakteert ze zichzelf op nieuwe tanden. Via haar vaste tandarts kreeg ze een verwijzing naar restauratief tandarts De Kok van de Kliniek voor Parodontologie Amsterdam in Buitenveldert, tevens docent bij Academisch Centrum Tandheelkunde Amsterdam.

facings

Witte vlammetjes

Daar ligt ze nu op de tandartsstoel. Ze mag eraf komen en naar de spiegel lopen. “Jeetje,” zegt ze na een hele tijd, tegen haar spiegelbeeld en niemand in het bijzonder. “Prachtig.” Tandtechnicus Trock, die er uren op heeft zitten priegelen, kijkt mee. Wie inzoomt, ziet lichte witte vlammetjes die bij de snijkant van de tand omhoog waaieren. Dit om het gebit zo natuurlijk mogelijk te laten ogen. Ander detail, met dito doel: de tanden worden naar boven toe geler; net als de echte. En de voortanden zijn iets witter dan die ernaast. Om daar nog een complicerende factor aan toe te voegen: de tanden moeten gelijk ogen, maar ze zijn wel van dríé materialen gemaakt.

Facing

Trock neemt de facing met het schaduwrandje mee naar haar werkkamer. Met een penseeltje drukt ze een speldenknopje aan porselein op de facing. Nu nog een kwartier bakken in de oven op 700 graden en dan moet het geheel beter aansluiten op het tandvlees. Het gaat nog een beetje op de ouderwetse manier, zegt Trock. Er zijn wel computerprogramma’s die aan kleurbepaling doen, maar die hebben de tandtechnicus nog niet overtroffen. Het komt dus nog altijd neer op veel kleur bepalen aan de hand van stalen en vervolgens mengen tot in de kleinste finesses.

Ondertussen, in de tandartsstoel, buigt de tandartsassistente zich naar Van Achthoven: “Nou, als je vriend nu geen ‘ja’ zegt, weet ik het ook niet meer.”

Onderzoek

Talloze onderzoeken hebben het al onderstreept: aantrekkelijke mensen hebben betere banen, verdienen meer geld en slaan makkelijker een partner aan de haak. Ook de vraag: ‘Wat is aantrekkelijk?’ is onderzocht. En over sommige kenmerken blijken wij het aardig eens: een regelmatig en goed verzorgd gebit bijvoorbeeld.

Een onderzoek naar het effect van een cosmetische gebitsbehandeling op ‘geluksbeleving en levenskwaliteit’ lijkt dan ook te leiden naar een open deur. Maar dat deed het niet. Integendeel. Bijzonder hoogleraar Ad de Jongh (tandarts en psycholoog) aan het Academisch Centrum Tandheelkunde Amsterdam onderzocht honderd mensen, van wie de helft een cosmetische behandeling van de voortanden kreeg en de andere helft een gewone gebitsbehandeling aan de kiezen.

Verwachtingen

“Wat ons echt verbaasde was dat het levensgeluk van de mensen die de gaatjes hadden laten behandelen gelijk bleef, maar dat die van de mensen die hun voortanden hadden laten verfraaien juist afnam. Dat is natuurlijk niet wat tandartsen willen horen. Sommigen zeggen: met gebleekte tanden of facings zal je leven er beter uitzien. Dat blijkt niet zomaar het geval te zijn.”

Over het waarom kan De Jongh alleen maar gissen. “Mogelijk zijn de verwachtingen te hoog gespannen: Dan denken mensen er gelukkiger van te worden, dat ze nagefloten worden op straat of een goede partner vinden. Als dat niet gebeurt, is dat een teleurstelling.”

Ook went een mooi gebit vrij snel. “Dan stap je een paar keer achter elkaar in de hondenpoep of je ergert je aan je baas en is dat positieve gevoel verdwenen.”

Teleurstellingen

Tot het tegendeel bewezen is, zouden tandartsen de verwachtingen bij hun patiënten moeten temperen. “Zoals de chirurg de patiënt wijst op het risico op complicaties, zou de tandarts de klant moeten waarschuwen voor een mogelijke teleurstelling na de behandeling. Sterker nog: dat zijn ze wettelijk verplicht, nu dit in onderzoek is vastgesteld.” Met die plaatjes van fonkelende tanden op al hun sites mag het dus beduidend minder. “Mijn advies: beloof niet te veel.”

XTC

In cijfers kan hij het niet onderbouwen, maar restauratief tandarts Paul de Kok ziet steeds vaker jonge patiënten met een afgesleten gebit door het tandenknarsen. De aanjager is vaak xtc. “Xtc zet ontzettend aan tot knarsen, wat kan leiden tot een kaarsrecht afgesleten gebit en korte tanden. Dat is niet mooi, maar het maakt je gebit ook slechter. Het legt gevoelig tandbeen bloot, omdat het glazuur eraf is gesleten.” Nou wil De Kok niet zeggen dat het gebit met maandelijks een pilletje grote averij oploopt, maar bij de grootverbruikers is er wel een risico. “Zeker als de pillenslikker dat combineert met zure dranken als cola en jus d’orange, die de tanden verweken. Als vervolgens flink wordt geknarst, leidt dat tot behoorlijke slijtage. De spieren rond de kaken kunnen 80 kilo opwekken. Dat houdt niks.”

Tekst: Malika Sevil