Fors minder blessures bij voetbal door scheenbeschermers

Sinds de KNVB voetballers verplicht scheenbeschermers te dragen bij wedstrijden is er een daling te zien in het aantal onderbeenblessures bij veldvoetbal. Het werd al lang aangenomen dat scheenbeschermers effectief zijn, maar 25 jaar aan data-verzameling toont aan dat er na verplichting een scherpe daling is van onderbeenblessures (in tegenstelling tot andere voetbalblessures).

scheenbeschermers, voetbal

Foto: NDC Mediagroep

Nut van scheenbeschermers

Dit benadrukt het preventieve effect van scheenbeschermers en het belang om deze te dragen bij wedstrijden én trainingen. Spelregelwijzigingen zoals het verplicht stellen van beschermingsmaterialen spelen daarmee een essentiële rol bij blessurepreventie.

Sportblessures

Voetbal is wereldwijd, ook in Nederland met 1,2 miljoen KNVB leden, de meest beoefende sport. Alleen al om die reden verdienen blessures en blessurepreventie bij veldvoetbal aandacht. Het totale aantal veldvoetbalblessures, 760.000 per jaar, maakt zo’n 17% uit van alle sportblessures in Nederland. Het dragen van scheenbeschermers wordt beschouwd als een belangrijke maatregel om onderbeenblessures te voorkomen. Reden voor de Wereldvoetbalbond FIFA om het dragen van scheenbeschermers bij wedstrijden te verplichten. In het seizoen 1999/2000 is dit in Nederland ingevoerd voor de amateurs (in wedstrijden), eerder al voor de professionals.

Daling onderbeenblessures door spelregelwijziging

Het aantal onderbeenblessures bij veldvoetbal daalde in de periode 2001-2005 significant met 25%, en stabiliseerde in 2006-2010. Het betreft fracturen, kneuzingen en huidverwondingen aan het onderbeen. Voor alle andere voetbalblessures geldt een stabilisatie in 2001-2005 en een stijging in 2006-2010. “Omdat de verplichting van het dragen van scheenbeschermers via spelregelwijziging in 1999/2000 is ingevoerd, kan geconcludeerd worden dat deze wijziging een belangrijke rol heeft gespeeld bij de preventie van onderbeenblessures bij veldvoetbal,” aldus Casper Dirks, programmamanager Sport bij VeiligheidNL.

Aanbevelingen

De uitkomsten van het onderzoek onderstrepen het belang van het dragen van scheenbeschermers bij álle voetbalactiviteiten: dus bij trainingen, wedstrijden en niet-georganiseerde voetbal. Aanvullend onderzoek laat zien dat driekwart van de voetbalspelers altijd scheenbeschermers draagt bij trainingen, dus hier valt bij 25% nog winst te behalen. Ook geldt dit voor het gebruik van kwalitatief goede scheenbeschermers, die driekwart van het scheenbeen bedekken en bij voorkeur gecombineerd met een enkelsok. Daarnaast leidt het onderzoek tot de conclusie dat spelregelwijzingen, zoals het verplichten van beschermingsmiddelen of het strenger bestraffen van overtredingen, leiden tot een daling van het aantal blessures. Monitoring van het blessurepreventief effect van spelregelwijzigingen, en van mogelijke bijwerkingen (meer/andere risico’s), is belangrijk. Gecontroleerd onderzoek naar het effect ervan, vóór invoering, is aan te bevelen.

Achtergrond onderzoek

VeiligheidNL heeft in samenwerking met UMC Utrecht en KNVB onderzoek gedaan naar het effect van de verplichte invoering van de scheenbeschermer op het aantal onderbeenblessures. Trendanalyses zijn uitgevoerd op gegevens over blessures bij veldvoetbal geregistreerd gedurende 25 jaar (1986–2010). Deze longitudinale gegevens zijn afkomstig uit LIS (Letsel Informatie Systeem, VeiligheidNL), een continue registratie van letsels en blessures behandeld op de Spoedeisende Hulpafdeling (SEH) van een representatieve, random steekproef van Nederlandse ziekenhuizen. Registratie van blessures over lange tijd (zoals bij LIS) geeft de mogelijkheid om inzicht te krijgen in effectiviteit van blessurepreventieve maatregelen in de praktijk.