Tennisarm. De oorzaak en behandeling

Een tennisarm of tenniselleboog is een veel voorkomende aandoening. Heb je er last van, dan heb je pijnklachten aan de buitenzijde van de elleboog, soms uitstralend naar de onderarm en pols. De klachten treden op wanneer de strekspieren van de pols en hand worden aangespannen, bijvoorbeeld als we iets met de hand willen oppakken.

tennisarm

Tennisarm

De pijn wordt veroorzaakt door een ontsteking van de peesaanhechting van de pezen die maken dat je je hand en pols naar boven kan bewegen. De aanhechting van deze pezen bevindt zich aan de buitenzijde van de elleboog. Het strekken van de elleboog, de pols en de vingers wordt als pijnlijk ervaren. Het drukken op de aanhechting van de strekspieren van de pols en de hand aan de buitenzijde van de elleboog doet pijn. Soms heb je ook pijn in je onderarmspieren.

Hoe ontstaat een tennisarm?

Ook al heb je nog nooit van je leven getennist, toch kun je een tenniselleboog krijgen. Je kunt bijvoorbeeld al klachten krijgen als je je dweil uitwringt, maar ook als je veel in de tuin werkt of schildert. Het is wel zo dat de helft van alle tennissers er ooit last van krijgt. Vooral tennissers boven de 35 jaar lopen een groter risico. De strekspieren zijn door overmatig of verkeerde belasting pijnlijk geworden door irritatie bij de aanhechting van de spieren aan de buitenzijde van de elleboog. Het is een aandoening, waar je een tijd flink last van kunt hebben. Soms zelfs wel maanden. Belangrijk om te weten is dat deze aandoening meestal toch vanzelf weer overgaat. Na een jaar is 90% van de mensen met een tenniselleboog weer klachtenvrij. 

tennisarm

Behandeling tenniselleboog

Er zijn veel behandelingsmogelijkheden voor een tenniselleboog. Het is niet te zeggen welke behandelingsmogelijkheid duidelijk beter of slechter is. De ene methode heeft bij de ene patiënt wel en bij een andere patiënt geen resultaat. De essentie is dat overmatige of verkeerde belasting voorkomen moet worden. Iedere behandeling heeft volgens onderzoeken een succeskans van ongeveer 70%. Dit geldt ook voor een operatie. Mede om deze reden wordt niet aan iedereen meteen een operatie aanbevolen.

  • Rust. Je weet al snel welke bewegingen je pijn veroorzaken en je zou moeten proberen deze zoveel mogelijk te vermijden. Meestal wordt de pijn erger door tillende, grijpende en draaiende bewegingen van de betreffende arm. Doe dat een tijdje niet.
  • Ontstekingsremmende en andere pijnstillers. Ibuprofen wordt meestal gebruikt om de pijn in de tenniselleboog te verminderen. Sommige ontstekingsremmende pijnstillers komen ook voor als crème of gel, die je op je elleboog moet smeren. Er zijn verschillende merken die je kan kopen of op recept kan krijgen. Vraag altijd je huisarts of apotheker om advies.
  • Corticosteroïde injectie. Soms kan een injectie met corticosteroïden in de elleboog de pijn verminderen. Soms komt na zo’n injectie de pijn een tijdje niet meer terug. Toch zijn je problemen niet helemaal opgelost. Je zult je arm toch rust moeten geven. Je kunt deze injecties niet onbeperkt krijgen. Er zit een maximum op van drie keer. Ook zijn er bijwerkingen zoals Atrofie (krimpen of verlies) van het vetweefsel onder de huid op de plek van de injectie. Maar er kan ook schade aan de pees rond de elleboog ontstaan. Dit is echter wel heel zeldzaam.
  • Fysiotherapie. De fysiotherapeut kan technieken gebruiken als massage, lasertherapie en ultrageluidstherapie en ook oefeningen geven om je tenniselleboog te behandelen. Het is niet duidelijk welke methode beter is: bij de één heeft een methode baat en bij de ander weer een andere methode.
  • Een speciale elleboogband (‘drukbandje’) wil ook wel eens helpen om de pijn te doen verminderen.
  • De meest gebruikte operatiemethode om symptomen te verminderen is om het beschadigde deel van de pees te verwijderen. Slechts een klein aantal mensen heeft een operatie nodig om symptomen te verminderen.